Aan het Franse hof was musiceren vooral een zaak van families.
Voor blaasmuziek had je de Hotteterres, de Forquerays speelden viola da
gamba, en in Versailles liepen ook de Couperins rond, klavierspelers van
huis uit. François geldt als de ster van de dynastie. Maar volgens Richard Egarr wordt het hoog tijd dat we die positie toekennen aan oom Louis. In hem ontwaart de Brits-Amsterdamse toetsenist zelfs de grootste klavecimbelcomponist aller tijden, vanwege de 'volmaakte symbiose' met het instrument.
Egarr voert campagne met Louis Couperins 132 pièces de clavecin. De klavecinist houdt ze ontspannen en sensibel tegen het licht, alsof hij ze wil doorgronden met onder handbereik een goed glas wijn. De préludes non mesurés varen er wel bij. In deze zonder ritme genoteerde voorspelen raakt Egarr zelfs aan de filosofische diepten van het bestaan.
Pièces de clavecin (compleet). Richard Egarr (klavecimbel).
Harmonia Mundi (4 cd's)
de Volkskrant, 7 september 2011

0 reacties:
Een reactie plaatsen