![]() |
Harry Nicoll als Platée (foto: Hermann & Clärchen Baus)
|
Jean-Philippe Rameau heeft lang op zijn revival moeten
wachten. Vanaf de jaren 1980 moest de barokcomponist toezien hoe de operawereld
eerst aan de zwier ging met Händel ging en toen met Monteverdi. Maar hem bleven
ze hardnekkig beschouwen als het nuffige neefje van de Franse tak, ook in
Nederland, waar zelden een Rameau in vol ornaat viel te bewonderen.
Toen De Nationale Reisopera in 2002 Platée presenteerde,
was dat een betrekkelijke noviteit. Nu, negen jaar later, raken we met Rameau alweer
verwend. Na Castor et Pollux in 2008 greep De Nederlandse Opera dit
voorjaar eveneens naar Platée, het spektakelstuk rond een lelijk nimfje
dat zich op laat vrijen door een geile god.
In Groningen, bij de reprise door de Reisopera, duikt Platée
op als een Shirley Temple-achtige poetsfee. Krulletjes, jurkje, sokjes: tenor Harry
Nicoll had de lachers meteen op z'n hand. Hij liet zich opnieuw in zijn
travestierol hijsen door Mirjam Koen en Gerrit Timmers.
Dit Rotterdamse regisseursduo hevelt de antieke mythe over
naar een Amerikaanse sprookjeswereld, met als ijkpunten Disney, Texas en Elvis.
Dat erfgoed kent Claron McFadden uit de eerste hand. Gekleed als cowgirl leeft
de sopraan zich magnifiek uit in de rol van La Folie (de waanzin), ondertussen coloraturen
spuwend met de zwenking van een roestige achtbaan.
Te lachen valt er bij de Reisopera wel meer. Over het koor
van deinende waterlelies bijvoorbeeld, of de dans der scootmobielen. Maar bij de
zoveelste linedance op een barokke rigaudon slaat de verzadiging toe. Het
is een eeuwig dilemma bij Rameau: waar laat je de balletten? Schrappen helpt, maar
heeft als nadeel dat er geniale muziek verdwijnt.
Hoe je dans slimmer met het verhaal vervlecht, lieten Nigel
Lowery en Amir Hosseinpour dit voorjaar zien in Amsterdam. Ook op ander vlak troeven
ze de Nederlanders af. Door de opera te verplaatsen naar het mierzoete rijk van
de fairy tale, halen Koen en Timmers het gif uit Jupiters
schoftenstreek.
Helaas beschikt de Groningse Stadsschouwburg over een akoestiek
van schuurpapier. Harry Nicolls wapperstem kon daar slechter mee overweg dan de
evenwichtiger kelen van Philippe Kahn (Jupiter), Vincent Lesage (Mercure) en Machteld
Baumans (Junon). Komisch kwakend moerasgeluid was in veilige handen bij dirigent
Jan Willem de Vriend en het Combattimento Consort Amsterdam.
Jean-Philippe Rameau: Platée. Regie: Mirjam Koen en Gerrit
Timmers. Solisten, Koor van De Nationale Reisopera, Combattimento Consort
Amsterdam o.l.v. Jan Willem de Vriend. Groningen, Stadsschouwburg, 15/11.
Tournee t/m 15/12, reisopera.nl. Radio 4: 26/11, 19.00 uur.
de Volkskrant, 18 november 2011

0 reacties:
Een reactie plaatsen