Toen het vanuit Nederland opererende maar internationaal
bezette mannenensemble Cappella Pratensis nog onder leiding stond van
oprichtster Rebecca Stewart, werd de naam van het koor door criticasters
weleens verhaspeld tot ‘cappella pretenties’. Terecht of niet, rond de
renaissanceclub hing inderdaad een zweem van academisme.
Sinds de Canadese countertenor Stratton Bull er de
scepter zwaait, lijkt alle stramheid uit de strotten verdwenen. De stembanden
trillen slank en lenig bij zangers die elke resonantieholte proberen te vullen.
Welluidend resultaat: prominente boventonen die de stemmen als een halo
omgeven.
In de twee oudst bekende polyfone requiems, uit de pennen van Johannes Ockeghem en Pierre de la Rue, houdt Cappella Pratensis bovendien de ritmes goed doorbloed. Tempo’s vloeien allesbehalve plechtstatig, wat aan de 15de-eeuwse noten een verrassend actueel tintje geeft.
Ockeghem, De la Rue: Requiems. Cappella Pratensis o.l.v. Stratton Bull. Challenge Classics.
de Volkskrant, 23 februari 2012
Het Kyrie uit Ockeghems Requiem:


0 reacties:
Een reactie plaatsen