Over Jevgeni Kissin gaat de anekdote dat hij zich als dreumes
aan de spijlen van zijn box omhoogtrok, met een vinger naar de pianoklep
priemde en gilde: ‘OPEN!’. Een kleine veertig jaar later, in de Rotterdamse
Doelen, wekt het voormalige wonderkind de indruk dat hij alsnog is begonnen aan
de peuterpuberteit. Pats, gaat het in sonates van Beethoven en Barber,
en beng, hoor mij eens stoute dingen doen!
Aan gefleem zal Kissin zich zondag vermoedelijk evenmin
bezondigen als hij zijn recital in de Amsterdamse serie Meesterpianisten
herhaalt. Wel is de hoofdstedelijke liefhebber dubbel zo duur uit als de Rotterdamse
Kissinvriend. Tussen de goedkoopste kaartjes gaapt zelfs een factor zes.
In zijn experimenteerlust torst de klaviermeester tegenwoordig
een elektronenmicroscoop met zich mee. Hij schuift er maten en noten onder,
speurend naar de muzikale essentie. Dat levert soms fascinerende patronen en
interferenties op. Neem Samuel Barbers Pianosonate, door de Amerikaan in 1949
gecomponeerd. In het langzame deel detecteerde Kissin fraaie geometrische
klankvlakken. Schurend en wringend trokken ze voorbij, onder het produceren van
schelle, chromatische pijnkreetjes.
De tol van het uitvergroten – geen overzicht – betaalde de
Rus vooral in Beethovens Mondscheinsonate. Het openingsdeel, vaak
verkitscht, wilde Kissin eens helemaal anders aanpakken. De vraag was alleen of
zulke maagdelijke noten zich lenen voor een fundamentele zoektocht naar de
waarheid.
Des te spannender waren de momenten waarop Kissin zijn dwarsigheid
liet varen en, zoals in Chopins Nocturne opus 32 nr. 2, zijn fenomenale
vermogens inzette voor het vertellen van een coherent verhaal. Met de
linkerpink een stuwende bas, rechts een gewelfde melodie en tere vulstemmen ertussen:
moeilijker hoeft het opwekken van extase niet te zijn.
Kissin verhevigde die orkestratiekunst in Chopins Derde pianosonate.
Adembenemend hoe hij klanken uit tegengestelde richtingen liet aanwaaien en ze
toch in elkaar paste, al kreeg je tegelijkertijd de indruk dat zulke toverkunst
niet immuun was voor routine.
Nu maar afwachten of de Amsterdammers voor hun dure geld meer
dan drie beheerste toegiften krijgen. Na Prokofjevs 'sinaasappelmars' was het in
de Doelen over en uit.
Beethoven, Chopin, Barber. Jevgeni Kissin (piano).
Rotterdam, de Doelen, 22/2. Herh. Amsterdam, Concertgebouw, 26/2.

Ik was dus niet de enige die het idee kreeg dat Kissin in inderdaad een soort van puberteit is beland. Prachtige avond, dat wel!
BeantwoordenVerwijderen