16 juli 2012

Aix-en-Provence wendt de blik naar het zuiden


Het festival van Aix-en-Provence loopt voorop met nieuwe visies op de operakunst. In Zuid-Frankrijk luidt het jongste toverwoord: mediterraniseren.

Vanaf de terrasjes in het labyrintische stadshart van Aix-en-Provence nemen cohorten bezwete toeristen het waar: hoe ook de mannen hier elkaar begroeten met een dubbele kus op de wang. Het oogt hip en mondain, in de Mediterranée, maar wie het gebaar ’s avonds herhaald ziet op het toneel van het Grand Théâtre de Provence, bij de wereldpremière van George Benjamins langverwachte opera Written on Skin, gaat vermoeden dat de heren handelen volgens een oude gewoonte.

De theaterkus vindt plaats in een half modern, half Provençaals decor. Hij is door George Benjamin, het voormalige Britse wonderkind dat op 52-jarige leeftijd zijn tweede opera aflevert, verpakt in hedendaagse, zeer sensitieve noten. Minstens één lid van de aanwezige opera-avant-garde zal de zoen met stil gejuich hebben geregistreerd: Bernard Foccroulle, directeur van het Festival d’Art Lyrique in Aix-en-Provence.

De geboorte van de nieuwe Benjamin kostte hem twintig jaar masseren, al sinds de tijd dat Foccroulle nog aan het hoofd stond van de Brusselse Muntopera. Maar de aanhouder wint: met Written on Skin presenteert het festival de wereldpremière van het jaar.

Bij het gunnen van de opdracht had Foccroulle een ongebruikelijk verzoek: of George Benjamin en zijn librettist Martin Crimp in hun opera iets konden weerspiegelen van de streek waar hij boven de doopvont zou worden gehouden. De connectie met de mediterrane wereld vonden Benjamin en Crimp in een Provençaalse legende uit de 13de eeuw, een liefdesverhaal met wrede trekjes, over een man die zijn overspelige vrouw het hart van haar minnaar voorschotelt, waarna hij haar dwingt het tot op het laatste vliesje op te eten.

Bij de ovationeel ontvangen première raakte sopraan Barbara Hannigan, dapper doorkauwend, in een gezegende staat van razernij. Doodzonde dat ze in oktober niet bij de eerste voorstellingenreeks buiten Aix kan zijn, als Written on Skin wordt hernomen in Het Muziektheater van Amsterdam.


Bernard Foccroulle deed zijn Provençaalse suggestie overigens niet omdat hij het festival de folkloristische kant op wil sturen. Zeker, bevestigt de geboren Luikenaar op zijn werkkamer, het budget van 20 miljoen euro staat in crisistijden onder druk. Maar nee, de Franse staat, de regio, het departement, de stad en de Europese Unie die er eensgezind 36,5 procent aan bijdragen, dringen niet aan op popularisering.

De kwestie ligt fundamenteler. Als de kunstvorm na vier eeuwen niet wil verstenen, zegt Foccroulle, zijn nieuwe impulsen noodzakelijk. Nieuwe opera’s verkeren maar al te vaak in ijle werelden. ‘En om een ander manco te noemen: er lopen te veel regisseurs rond die alleen maar muziektheater doen. Dat wordt op den duur eentonig.’

Bij voorkeur haalt Foccroulle dan ook artiesten van buiten het vak naar Aix, zoals de Zuid-Afrikaanse beeldend kunstenaar William Kentridge, of de Canadese theatermaker Robert Lepage, wiens poëtische voorstelling De nachtegaal en andere fabels, met schaduwtheater en waterbassin, afgelopen januari Amsterdam aandeed.

En sinds kort luidt in Aix het toverwoord: mediterraniseren. Vanaf het begin in 1948 heeft het festival uitsluitend naar het noorden getuurd, constateert Foccroulle. ‘Het wordt hoog tijd dat we die blik oprekken naar 360 graden.’

Daarom zal de festivalbijdrage in 2013, wanneer Marseille samen met Aix en omstreken optreedt als Culturele Hoofdstad van Europa, niet alleen bestaan uit Richard Strauss’ drama Elektra, overigens geregisseerd door de Franse legende Patrice Chéreau. Een compositieopdracht ging naar de jonge Portugees Vasco Mendonça, die in de orkestbak het Nederlandse ensemble Asko|Schönberg aantreft.

Ondertussen dwaalt Foccroulles blik alweer verder, tot voorbij de oevers van de Middellandse Zee. ‘Ook daar wonen kunstenaars’, stelt hij vast, ‘dichters, dansers en musici die de opera kunnen voorzien van vers bloed. Zo hopen we volgend jaar musici uit het Syrische Aleppo te ontvangen.’

Omgekeerd hebben de eerste spionnen uit Aix, een strijkkwartet dat is voortgekomen uit het omvangrijke educatieprogramma, afgelopen voorjaar het Noord-Afrikaanse terrein verkend, met als resultaat dansende jeugd op de pittige klanken van de Hongaar Ligeti. In oktober reist de festivalproductie van Ravels eenakter L’enfant et les sortilèges naar Tanger, Marrakech en Casablanca.

Foccroulle: ‘De Arabische contacten zitten nu nog in de marge van het festival, maar het publiek gaat er de komende jaren steeds meer van merken. Culturele uitwisseling krijgt absolute prioriteit.’

 
 Trendsettend operafestival
Het Festival van Aix-en-Provence begon in 1948 met een opvoering in de buitenlucht van Così fan tutte, een Mozartopera die toen nog niet behoorde tot het ijzeren repertoire. Sindsdien heeft Aix zich ontwikkeld tot een pleisterplaats voor jong talent en grote namen, vooral op regiegebied, zoals Peter Brook, Robert Carsen en Patrice Chéreau. Met een budget van 20 miljoen euro - het Holland Festival past er drie keer in - toont Aix in drie weken tijd vijf producties, die vervolgens worden afgenomen door festivals en operahuizen wereldwijd. Een deel van de oogst van 2012 valt te zien op arteliveweb.com.

de Volkskrant, 14 juli 2012


11 juli 2012

Written on Skin: Triumphzug für George Benjamin

foto: Pascal Victor / Artcomar
Mit Written on Skin, der lange erwarteten zweiten Oper des Briten George Benjamin, präsentiert das Festival von Aix-en-Provence eine Uraufführung, die von hier aus einen regelrechten Triumphzug durch die Musikwelt starten dürfte. 
Einen Vorgeschmack ihres musiktheatralischen Genies hatten Benjamin und sein Librettist Martin Crimp schon 2006 geliefert, mit Into the Little Hill. Was an dieser 40-minütigen Fingerübung auffiel, war die subtile Art, wie die Musik aus dem Text herausfloss. Nun hat das Duo dieses Prinzip fast bis zur Perfektion verfeinert in seiner ersten abendfüllenden Oper, die auf einer düsteren provenzalischen Liebesgeschichte aus dem 13. Jahrhundert basiert: Ein Mann gibt seiner untreuen Frau das Herz ihres Liebhabers zu essen.

Ein Teil der Faszination von Written on Skin liegt darin, wie Benjamin die Stärken seiner Protagonisten nutzt. Sopranistin Barbara Hannigan lässt die erwachenden Liebesgefühle von Agnes wie einen Sonnenstrahl durch das Grand Théâtre de Provence leuchten. Ihr Mann, ein fanatischer Tyrann, erhält von Bariton Christopher Purves dramatische Kraft. Und die schlanke, wandelbare Stimme von Countertenor Bejun Mehta passt perfekt zum jugendlichen Verführer.

Dieser Verführer praktiziert in der Oper das Handwerk eines Illuminators, der mittelalterliche Handschriften bebildert. Genau diese Kunst pflegt George Benjamin auch in seiner Partitur: In 15 Szenen zeigt er farbige, präzis abgesteckte Situationen. Im Orchestergraben, wo er selbst dirigiert, wird die psychologische Entwicklung der Szenen seismisch nachgezeichnet. Wunderbar verbinden sich die Instrumente mit den glühenden Gesangslinien, und in kurzen Zwischenspielen zeigt das Mahler Chamber Orchestra seine eruptive Kraft.

Die einzige Dissonanz ist die Inszenierung von Katie Mitchell. In einem Puppenhausdekor von Vickie Mortimer - halb modern, halb 'mittelalterlich' - lenkt sie mit Nebenhandlungen von der Musik ab. Am berührendsten wirken so die Momente, in denen sich die Regie zurückhält. Mit dem Höhepunkt jener Liebesszene zwischen Hannigan und Mehta, in der sich die Stimmen zur sinnlichen Begleitung von Glasharmonika und Viola da Gamba verflechten.
 
Tages-Anzeiger Zürich, 13. Juli 2012 
 

2 juli 2012

Simón Bolívar Symphony Orchestra: het Concertgebouw, eindelijk!



Op de kop af 31 seconden. Zoveel tijd tikte weg voordat Gustavo Dudamel eindelijk z'n armen had laten zakken na de slotklank van Eine Alpensinfonie, het klauterepos van Richard Strauss waarmee donderdag het 65ste Holland Festival besloot. Millimeter voor millimeter daalden de ellebogen van de Venezolaanse dirigent, tot een eerste 'bravo!' de ban doorbrak.

Die zeldzaam lange stilte vloeide niet noodzakelijkerwijs voort uit het muzikale avontuur. Eerder leek het erop dat Dudamel voor zijn jeugdige vrienden van het Simón Bolívar Symphony Orchestra een historisch moment wilde markeren. Hier zaten ze dan, in het verre, mythische oord genaamd Concertgebouw, na een lange en onwaarschijnlijke mars die in 1975 begon met de eerste muzieklessen in een sloppenwijk van Caracas.

Je gunde ze de triomf stuk voor stuk, de 198 musici die in het programmaboekje stonden vermeld, onder wie violistes op stiletto's en koperblazers met gelkuiven. Welbeschouwd is het ook een wonder hoe ver ze zijn gekomen. Maar nu de groep, vanwege de geklommen leeftijd, zijn identiteit van jeugdorkest heeft afgestroopt en zich nadrukkelijk meldt op het symfonische wereldtoneel, rijzen ook de ongemakkelijke vragen.

Bijvoorbeeld of het wel zo'n goed idee was om Rituales Amerindios (2008) van de Frans-Argentijnse componist Esteban Benzecry mee te nemen op tournee. Op natuurgoden van de Maya's, Azteken en Inca's projecteert hij vooral brave geluidswolken en tribale deunen. Melodische gifpijltjes en vlijmende piranharitmes bleven achterwege, ondanks de tropische zaaltemperatuur.

De schurendste kwestie kwam in beeld tijdens de bergwandeling die Richard Strauss ensceneert in zijn alpensymfonie: kan het ongelooflijk sympathieke Simón Bolívar-orkest zich onder aanvoering van zijn charismatische leider Gustavo Dudamel meten met de topensembles die plegen neer te strijken op het podium van de Grote Zaal?

Het gunstigste antwoord – nog niet – laat onverlet dat er bij vlagen magnifiek werd gemusiceerd. Toch ontbrak aan menig vergezicht het duizelingwekkende perspectief en smeken de stilistische spiertjes om een geraffineerde massage.

Bij de tweede toegift, de niet te vermijden Mambo van Leonard Bernstein, ontplofte de zaal. Helaas registreerden de strengste trommelvliezen ook een vleugje routine.

Benzecry en Strauss. Simón Bolívar Symphony Orchestra Venezuela o.l.v. Gustavo Dudamel. Amsterdam, Concertgebouw, 28/6. 

de Volkskrant,  30 juni 2012