10 februari 2014

De droom van Gustavo Gimeno


foto: Rob Beltjens

Het ene moment dirigeer je amateurgezelschappen als Het Orkest Amsterdam en het Symphonie Orkest Con Brio. Het volgende stuif je de trap van het Amsterdamse Concertgebouw af, op weg naar je debuut bij het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO). Die droom overkwam Gustavo Gimeno, de Spaanse slagwerker van het KCO met dirigeerambities, die deze week zijn eigen chef Mariss Jansons verving.

Met zijn kwetsbare hart ondergaat Jansons opnieuw een medische behandeling. Zijn afzeggingen vormen zo langzamerhand een verontrustend refrein. Twee maanden geleden, op tournee in het Verre Oosten, droeg Jansons in Peking en Sydney uit vermoeidheid ook al halve en hele concerten over. Zijn eerstvolgende optredens in Amsterdam staan gepland voor maart, wanneer hij de tanden zet in drie malse Bruckners.

Als dirigent is Gustavo Gimeno (37) nagenoeg onbekend. Dat hij desondanks Jansons mocht vervangen, was voor insiders geen volslagen verrassing. Eerder al had de KCO-directie hem naar voren geschoven als Jansons' assistent. Een andere mentor was Claudio Abbado, de onlangs overleden Italiaanse reus. Ook onder Bernard Haitink heeft Gimeno inmiddels gewerkt.

Zonder wijzigingen nam hij een merkwaardig programma over. Waarschijnlijk moet je Mariss Jansons heten om het muzikale rijm te laten horen tussen de onvergelijkbare Finnen Jean Sibelius en Magnus Lindberg. Ook niet alledaags was de koppeling van de walsende operettekoning Johann Strauss jr. aan de nuchtere, neoklassieke Stravinsky.

Gimeno heeft alvast de elegantste handen van het internationale dirigentencorps. Hij streelde er De zwaan van Tuonela mee tevoorschijn, gevoelige Sibelius, in een Spaans een-tweetje met de formidabele althoboïste Miriam Pastor Burgos. In Stravinsky's Jeu de cartes was het juist Gimeno's kordate slagwerkersgestiek die de aandacht trok.

Aan de Nederlandse première van Magnus Lindbergs Tweede pianoconcert viel in zoverre eer te behalen, dat tussen de klaroenstoten, paukendreunen en andere clichés soms een weldadige orkestklank opdook. Met een eenvoudige, melancholieke Scarlattitoegift plaatste de solist, Yefim Bronfman, een dodelijke voetnoot bij zijn voorafgaande gedraaf over de toetsen.

Gustavo Gimeno zegt per volgend jaar zijn KCO-contract op, hij wil fulltime gaan dirigeren. Dat hij het handwerk in de knip heeft, bleek in de virtuoos afgeleverde Straussouverture Die Fledermaus. Toch, bij alle bravo's die door de Grote Zaal schalden knaagde de vraag of hij beschikt over genoeg dwingende muzikaliteit en gehaaide ideeën om zich op dat hoge podium te handhaven.


★★★☆☆

Sibelius, Lindberg e.a. Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Gustavo Gimeno. Amsterdam, Concertgebouw, 6/2.

de Volkskrant, 8 februari 2014


Geen opmerkingen:

Een reactie posten