![]() |
| foto: Patricia Aloy |
Terecht of niet, symfonische muziek kampt met een imago
van grijze koppen en versteende gewoontes. Geen wonder dat orkesten de wereld afspeuren
naar jeugdige dirigenten die de 19de-eeuwse orkestmachinerie eigentijds kunnen
laten swingen. Recente ontdekkingen op dat gebied heten Lionel Bringuier
(27) en Robin Ticciati (30).
De man die de afgelopen drie seizoen met veertig orkestdebuten iedereen te vlug af was, was de
Spanjaard Pablo Heras-Casado. Met zijn 36 jaar is hij een
broekie in een vak waarin tachtigplussers behoren tot de sterren. Na zijn
debuut in 2012 keerde Heras-Casado deze week terug bij het Koninklijk
Concertgebouworkest. Hoeveel ontwikkeling zit er in zijn symfonische vermogens?
Na het Eerste vioolconcert van Karol Szymanowski moest je
concluderen: voorlopig niet veel. In Amerika mag Heras-Casado dan zijn gebombardeerd
tot Dirigent van het Jaar, en in Amsterdam mag hij dan het podium delen met de
violiste Janine Jansen, vers lid van de Akademie van Kunsten – in de artistieke
prestatie klonken de eerbewijzen niet door.
Karakteristieken als 'analytisch' en 'richtingloos' zijn
dodelijk voor een stuk dat kan klinken als een mediterrane dagdroom van blikkerend
licht en zinderende luchten. Szymanowski schreef zijn vioolconcert thuis, in de
Oekraïne, terwijl hij nagenoot van een tocht door Sicilië en Noord-Afrika. Janine
Jansen ging op zoek naar de reizigerskoorts in de noten, maar stuitte met haar
ijle toon op een dirigent die zijn handen meer dan vol had aan het orkest. Even nuchter, bijna schools, presenteerde Heras-Casado de
Tweede symfonie van Jean Sibelius. Hij had weinig oog voor de aardlagen en natuurraadsels
die in deze partituur liggen opgetast.
De vraag luidt inmiddels of de
dirigentencarrousel voor de Spanjaard niet te snel is gaan draaien. En of Heras-Casado
er niet verstandig aan zou doen zich te beperken. Nu hopt hij van een
hedendaagse première naar een authentieke Schubert, van een prestigieuze zwaaibeurt
in de Metropolitan Opera van New York naar standaardrepertoire bij het
zoveelste symfonieorkest.
Dat hij genoeg in z'n mars heeft, bleek in de Festivalouverture van Dmitri Sjostakovitsj. Het stuk denderde als een sovjettank
de Grote Zaal binnen. Briljante kopersalvo's en orkestdreunen voerden naar een
slot waarvan de energie lang najakkerde in de bloedbaan.
★★★☆☆
Sibelius, Szymanowski, Sjostakovitsj. Koninklijk
Concertgebouworkest o.l.v. Pablo Heras-Casado. M.m.v Janine Jansen (viool).
Amsterdam, Concertgebouw, 12/2
de Volkskrant, 14 februari 2014

Geen opmerkingen:
Een reactie posten