![]() |
| foto: Peter Adamik |
Hij
praat er nuchter over, in de opmaat naar een gesprek over Beethoven, de
componist met wie Levit (32) zondag in de serie Meesterpianisten in
het Amsterdamse Concertgebouw debuteert. ‘Politie, beveiliging, iedereen
paraat. Ik trad op en er gebeurde niets.’
Met
Levits bejubelde pianospel had de dreigmail niets te maken. Met zijn
strijd tegen antisemitisme des te meer. Via sociale media uit Levit, een
Duitser met Joods-Russische wortels, keer op keer zijn zorg over ‘de
racisten, antisemieten en neofascisten’ van extreem-rechts in Duitsland,
die hij ontwaart bij de populistische AfD.
En toen kwam dus die haatboodschap met daarin het woord Judensau, Jodenzwijn.
Als de bedreiging zich herhaalt, so be it, grimlacht de pianist in de solistenkamer van de Berlijnse Pierre Boulez Saal. Laten we het, met een Steinway erbij, liever
hebben over Ludwig van Beethoven. Per slot van rekening is Levit een
expert in de muziek van de componist die 250 jaar geleden werd geboren.
Afgelopen herfst bracht hij een cd-box uit met Beethovens pianosonates, alle 32. Dit seizoen speelt hij ze in concertseries wereldwijd. En voor de Beierse omroep plooide hij er een speel- en praatpodcast omheen, 32 x Beethoven, tamelijk briljant.
Igor
Levit is, kortom, een uitgelezen gids om ons bij te praten over de
vraag hoe het nu precies zat, tussen Beethoven en de piano. Hoe speelde
Ludwig zelf? Wat voor instrumenten kreeg hij onder handen? En hoe
revolutionair zijn zijn sonates?
‘Een
oerknal.’ Zo beschrijft Igor Levit het moment waarop Beethoven aan het
firmament verscheen. Dat gebeurde in november 1792, in de
muziekmetropool Wenen. Vanuit Bonn arriveerde Beethoven als 21-jarige
Duitser met een Vlaamse stamboom. Op zijn boodschappenlijstje stonden
‘hout, pruik, koffie, overjas, laarzen, schoenen’. Plus les bij de
legendarische Joseph Haydn.
‘Drie jaar later publiceerde hij zijn Eerste pianosonate’,
zegt Levit. ‘Het is alsof iemand seint: joehoe, hier ben ik, vanaf nu
maak ik de dienst uit! Beethoven introduceerde een waanzinnig
veeleisende pianistiek. Hij kon en wilde iets wat geen klavierspeler
vóór hem kon of wilde.’
Volgens Carl Czerny, zijn leerling, speelde hij ‘ongepolijst en vaak onstuimig’.
‘Je
kunt er ooggetuigenverslagen bij pakken en zeggen: lees maar, Beethoven
speelde zus en zo. Misschien klopt het nog ook, maar ik denk alleen bij
die ene keer. Wie zegt dat hij het bij een volgend optreden niet heel
anders aanpakte?’
Toch
nog even een ooggetuige, de gearriveerde virtuoos Joseph Gelinek. Die
kwam van een koude kermis thuis toen hij met de jonge Beethoven een
wedstrijdje improviseerde. Die knul, zei Gelinek, was geen mens maar een
duivel. ‘Hij speelt mij en ons allemaal dood.’
Levit:
‘Uit alles blijkt dat Beethoven een onverschrokken pianist was. Kijk
ook naar de manier waarop hij in zijn sonates zachte en luide passages
afwisselt. Dat gebeurt onaangekondigd, overdonderend, schijnbaar zonder
logica. Accenten komen uit het niets. En dan blijft hij ze maar
herhalen: bam, bám, BÁM, op het gewelddadige af.
‘Ook als improvisator stelde hij nieuwe regels. Neem de Hammerklaviersonate, nummer 29. Dat is bij vlagen de vrijste muziek die je je kunt voorstellen. Het is een en al zoeken, tasten en proberen.’
Levit
schuift achter de vleugel, grijpt een akkoord, speelt een loopje
omhoog, landt op een triller die hij pesterig lang uitrekt. ‘Hoor je? Typisch zo’n moment waarop Beethoven bij een optreden kan hebben toegegeven aan een gril.’
Improviseert u zelf ook in die sonate?
‘Ik heb hem inmiddels een stuk of vijftig keer uitgevoerd. Drie keer durfde ik het aan.’
In Beethovens stijl?
‘Nee,
in mijn eigen stijl, maar net hoe mijn pet staat. Van een vriend, de
Amerikaanse componist Frederic Rzewski, heb ik geleerd dat je vooraf
nooit moet nadenken over een improvisatie. Anders is het geen
improvisatie.’
Sommige Beethovenfans vinden dat blasfemie.
‘Ik
vind: een musicus moet alles mogen. We leven in een maatschappij die de
vrijheid van het individu hoog in het vaandel stelt. Dan kun je bij de
vrijste kunstvorm die er bestaat, te weten muziek, niet aankomen met een
improvisatieverbod.’
Met
zijn ongepolijste, onstuimige speelstijl ragde Beethoven heel wat
piano’s af. In zijn jonge jaren waren dat ranke, tere gevalletjes die
kreunden onder zijn aanpak. Toen hij in 1827 overleed hadden ze al meer
vlees op de botten, maar waren ze nog altijd een schim van de latere
Steinway.
De
grootste aanjager van vernieuwing in de klavierbouw was Beethoven zelf.
‘Hij eiste méér, méér, méér’, zegt Levit. ‘Meer toetsen, meer kracht,
meer kleur. Meer gradaties in het kunnen spelen van luid en zacht.’
Neem opnieuw de Hammerklaviersonate.
Losgeslagen muziek, volgens Levit. ‘Ik ken geen ander stuk voor
solopiano dat de grenzen van het haalbare zo overschrijdt. Niet alleen
pianistisch, ook emotioneel. Het is in alles te veel. Te moeilijk, te
radicaal, te intiem.’
Die grensoverschrijding hoor je volgens sommigen alleen op een piano uit Beethovens tijd.
‘Pfoe,
dogmatici... Ik bewonder musici die op een fortepiano uit de voeten
kunnen, zoals uw landgenoot Ronald Brautigam. Ik heb het ook geprobeerd,
maar het werkte niet. Gelukkig componeerde Beethoven zo revolutionair
dat hij zelfs de grenzen van een Steinway overschrijdt.’
De
overweldigende kracht van Beethovens pianomuziek leidde al vroeg tot
aanbidding. Dirigent Hans von Bülow muntte er een fameuze vergelijking
voor. De klassieke muziek, zei Bülow, kent een Oud Testament en een
Nieuw Testament. Voor het Oude tekende Bach met de 48 preludes en fuga’s
van Das wohltemperierte Klavier. Het Nieuwe omvat de 32 pianosonates van Beethoven.
Levit
is niet religieus, maar hij begrijpt wat Bülow bedoelde. ‘Beethovens
sonates vormen een gesamtkunstwerk zonder weerga. Ze zijn ongeëvenaard
in omvang, intensiteit en diepte. Zowat elke sonate is een revolutie op
zich. Neem alleen al het bijna orkestrale klavierspel van nummer 21, de Waldstein. In die vorm en dimensie is zoiets niet eerder vertoond.’
Loopt er een rode draad van sonate 1 naar 32?
‘Beethovens creatieve vrijheid groeide gaandeweg. En met het doof worden, denk ik, werd hij nog vrijer dan voorheen.’
De
componist schreef in 1802 voor het eerst over zijn gehoorprobleem. Een
besmetting met vlektyfus, denkt men nu, zou de oorzaak zijn geweest.
Tegen 1818 was hij volslagen doof.
‘Hij
heeft er zwaar onder geleden’, zegt Levit. ‘Iemand die alleen nog
zichzelf hoort denken, wordt in hoge mate onafhankelijk. De buitenwereld
interesseerde Beethoven steeds minder. Hij componeerde niet langer voor
jou en mij, hij componeerde voor zichzelf. Maar eerlijk gezegd, nu sla
ik aan het speculeren en daar heb ik een hekel aan.
‘Eigenlijk
ken ik over Beethoven maar één waarheid. Zonder ons, de mensen die
spelen en luisteren, bestaat hij niet. Als ik zondagavond niet op het
podium van het Concertgebouw stap, als ik de toetsen niet indruk, als
het publiek niet aanschuift, dan gaat zijn muziek in rook op.’
Igor Levit: Beethoven, Mahler, Wagner/Liszt. 9/2, Concertgebouw, Amsterdam.
De podcast ‘32 x Beethoven’ staat onder meer op Spotify.
de Volkskrant, 6 februari 2020
Opgedrongen identiteit
Zijn
Joodse achtergrond speelde voor Igor Levit lange tijd amper een rol.
Tot hij in 2011 aanschoof bij een etentje. Hij mocht dan in Duitsland
zijn opgegroeid, zei een jeugdige tafelgenoot, maar besefte Levit wel
dat hij behoorde tot een bevolkingsgroep die werd geacht er niet meer te
leven? Een paar jaar later informeerde een argeloze journalist of
Israël wellicht Levits vaderland was, de pianist was immers Joods?
Levit
hoorde in de opmerkingen vooral deze boodschap: je bent anders, je bent
niet een van ons. In januari 2020 werd hij door het Internationaal
Auschwitz Comité onderscheiden vanwege zijn ‘moed en creativiteit in de
strijd tegen antisemitisme en rechts-extremistische haat’. In december
kreeg hij, onder meer voor zijn strijd tegen klimaatverandering, de
Internationale Beethovenprijs.
@igorpianist is een fervente twitteraar met bijna 44 duizend volgers.
Igor Levit
1987 geboren in Gorki (het huidige Nizjni Novgorod, Rusland)
1995 verhuist als pianistisch wonderkind met zijn ouders naar Duitsland
2010 studeert af aan de Hochschule für Musik in Hannover
2011 wordt door de BBC geselecteerd als New Generation Artist
2013 maakt cd-debuut met sonates van Beethoven
2014 wint een ECHO Klassik, de belangrijkste Duitse platenprijs
2018 geeft de ECHO Klassik terug, na een schandaal rond een rapduo dat van antisemitisme wordt beschuldigd
2018 wint de Gilmore Artist Award, een Amerikaanse pianistenprijs van 300 duizend dollar
2018 debuteert als solist bij het Koninklijk Concertgebouworkest
2020 debuteert in de serie Meesterpianisten in het Concertgebouw

Geen opmerkingen:
Een reactie posten