17 april 2014

Tan Duns 'Water Passion' druppelt, murmelt, klettert



Druppelend water. Ketsende kiezels. Een koor dat huilt als de wind. Toen de Chinese componist Tan Dun voor het Bachjaar 2000 een Mattheüspassie mocht schrijven, stelde hij zich voor hoe de wereld moet hebben geklonken toen Jezus zijn marteltocht maakte naar de kruisdood op Golgotha. Tegelijk dacht hij terug aan zijn jeugd in de provincie Hunan, waar een toverpriester aan de rivieroever rituelen voltrok met water en keitjes.

Het leverde Water Passion after Saint Matthew op, een stuk dat succesvol de wereld rond ging, maar gek genoeg pas nu z'n première beleeft in het passiegekke Nederland. De frêle Tan Dun (56) kwam het in de Rotterdamse Doelen zelf dirigeren. In anderhalf uur tijd loodste hij Cappella Amsterdam en het Nieuw Ensemble van doop naar herrijzenis. Hetzelfde parcours volgt donderdag in het Muziekgebouw aan 't IJ.

Ook in Amsterdam zullen zeventien doorzichtige, van onder aangelichte waterschalen in kruisvorm het podium beheersen. Ervaren passiegangers zullen vergeefs speuren naar een Evangelist die, zoals bij Bach, het lijdensverhaal aan elkaar praat. Koralen: ook afwezig. Voor aria's had Tan Dun evenmin emplooi. Zijn stuk wekt eerder de indruk dat het Bijbelse evangelie is gedropt bij een ver en vreemd volkje, dat op die uitheemse tekst dan maar z'n eigen tradities loslaat.

Zo is er de sjamaan: bas-bariton Stephen Bryant, die als Johannes de Doper fluitende boventonen produceert en als Jezus onderaards kan raspen. Er is een duivel in de gedaante van een sopraan met een brandweersireneachtige stem, de slecht verstaanbare Maria Chiara Chizzoni. En steeds laten drie slagwerkers het water in hun transparante kommen druppelen, murmelen en kletteren.

Hoogtepunt: een spetterende solo waarin de Chinese Beibei Wang tovert met vuisten en een glazen potje. Tan Dun, nog zo'n klankmagiër, wrijft oergeluiden uit Cappella Amsterdam. Het koor sist, jankt en gromt, terwijl het zichzelf begeleidt op tempelbelletjes en kiezelstenen. Tot de theatrale aardigheden behoort de scène waarin de zangers, zwaaiend met de arm, 'kill him!' scanderen.

Water Passion after Saint Matthew gulpt van de interessante klanken. Maar zelfs een viool, een cello en een sampler die oude Aziatische strijktradities promoveren tot sfeergeluid, kunnen het manco niet verhullen. Voor een muziektheatraal ritueel kent de partituur te veel verwaterde plekken.


★★★☆☆


Tan Dun: Water Passion after Saint Matthew. Cappella Amsterdam, Nieuw Ensemble o.l.v. Tan Dun. Rotterdam, de Doelen, 14/4. Herh. Amsterdam, Muziekgebouw aan 't IJ, 17/4.

de Volkskrant, 16 april 2014

Geen opmerkingen:

Een reactie posten